Onderwijs en organisatie

Leer– en ontwikkelingslijnen

Onze school kent doorlopende leer- en ontwikkelingslijnen. In het onderwijs zijn er voor alle vakken kerndoelen vastgelegd. Dit zijn einddoelen per leerjaar, die kinderen moeten behalen. In leerlijnen wordt zichtbaar welke stappen kinderen zetten op weg naar de volgende doelen. De ontwikkeling van kinderen op sociaal en emotioneel gebied wordt weergegeven in ontwikkelingslijnen. Toetsen en observaties beschouwen wij als meetinstrument of doelstellingen zijn behaald, maar zijn geen doel op zich. Een methode of leermiddel is een hulpmiddel om doelen te oefenen. Methodes en leermiddelen kunnen per kind verschillen, afhankelijk wat het kind in leerbehoefte nodig heeft. De einddoelen zijn echter voor ieder kind hetzelfde.

Eindopbrengsten:

Percentages referentieniveaus 1F en 1S/2F zijn ook opgenomen op de website. 

Wanneer blijkt dat, ondanks alle extra ondersteuning, de resultaten van een leerling dermate ver achterblijven, dat het volgen  van de methode niet meer haalbaar is, kan in overleg met ouders worden beslist om de leerling met een eigen programma te laten werken. De leerling krijgt dan een eigen leerlijn. Samen met de leerling, de ouders en de externe deskundige zal worden bekeken welke doelen voor deze leerling haalbaar en reëel zijn en welk onderwijsaanbod daarbij hoort. Al deze informatie zal worden vastgelegd in een “ontwikkelingsperspectief eigen leerlijn” (OPP) en twee keer per jaar met alle betrokkenen worden geëvalueerd (hoorrecht). Er kan ook een ontwikkelingsperspectief worden opgesteld met betrekking tot het gedrag. 

Jonge Kind

Het onderwijs aan het jonge kind op onze school sluit aan bij de visie op de ontwikkeling van het jonge kind (0-8 jaar) van de RVKO en SKPR: ‘Met elkaar, voor elkaar – een rijke start | Wortels om te groeien, vleugels om te vliegen.’ Deze visie is uitgewerkt in een interactieve praatplaat en vormt de basis voor de schooleigen visie.

Visie Jonge Kind De Wingerd 

Aansluitend bij de visie op de ontwikkeling van het jonge kind van de RVKO en SKPR, geeft onze school op de volgende wijze invulling aan het werken met het jonge kind:  

Op De Wingerd geloven wij dat ieder kind van nature nieuwsgierig is en zich wil ontwikkelen. Jonge kinderen leren door te ontdekken, te ervaren, te spelen en betekenis te geven aan de wereld om hen heen. Wij zien de periode van 0 tot 8 jaar als een belangrijke fase waarin de basis wordt gelegd voor een leven lang leren. Vanuit onze kernwaarden Spelen, Leren en Vieren bieden wij kinderen vanaf 4 jaar een rijke, veilige en uitdagende omgeving waarin zij zich op hun eigen tempo kunnen ontwikkelen.

Wij sluiten aan bij de visie van de RVKO en SKPR:
"Met elkaar, voor elkaar – een rijke start | Wortels om te groeien, vleugels om te vliegen." Vanuit deze visie willen wij kinderen stevige wortels meegeven in de vorm van vertrouwen, veiligheid, verbondenheid en basisvaardigheden. Tegelijkertijd geven wij hen de ruimte om hun talenten te ontdekken, nieuwsgierig te blijven en zelfstandig de wereld te verkennen.

De visie vertaald naar de schoolpraktijk


Binnen De Wingerd staat de brede ontwikkeling van het jonge kind centraal. Wij kijken niet alleen naar de cognitieve ontwikkeling, maar besteden evenveel aandacht aan de sociaal-emotionele ontwikkeling, taalontwikkeling, motorische ontwikkeling, creativiteit, zelfstandigheid en spelontwikkeling.

Onze leerkrachten observeren kinderen dagelijks en stemmen het onderwijs af op hun behoeften, interesses en ontwikkelingsniveau. Daarbij maken wij gebruik van BOSOS in de groepen 1/2 en werken wij vanuit beredeneerde doelen die aansluiten bij de ontwikkelingslijnen van jonge kinderen. Wij zien verschillen tussen kinderen als vanzelfsprekend en bieden ruimte voor maatwerk, zodat ieder kind zich optimaal kan ontwikkelen.

Wij werken nauw samen met ouders en voorschoolse voorzieningen. Door middel van warme overdrachten, kennismakingsgesprekken en regelmatige contactmomenten zorgen wij voor een doorgaande ontwikkellijn en een sterke basis voor ieder kind.

Spelend leren als basis


Op De Wingerd zien wij spel als de natuurlijke manier waarop jonge kinderen leren. Spel biedt kinderen de mogelijkheid om de wereld te onderzoeken, ervaringen te verwerken, sociale vaardigheden te oefenen en nieuwe kennis op te doen.

Daarom vormt spelend leren een belangrijk onderdeel van ons onderwijsaanbod. Binnen betekenisvolle thema's worden activiteiten aangeboden waarin taal, rekenen, motoriek, creativiteit en wereldoriëntatie op natuurlijke wijze samenkomen. De leerkracht heeft hierbij een actieve begeleidende rol door mee te spelen, vragen te stellen, nieuwe woorden aan te bieden en kinderen uit te dagen een stap verder te zetten in hun ontwikkeling.

Spel en doelgericht werken gaan daarbij hand in hand. Wij creëren situaties waarin kinderen spelenderwijs werken aan ontwikkeldoelen die passen bij hun leeftijd en mogelijkheden.

De speelleeromgeving


Wij bieden een rijke speelleeromgeving die uitnodigt tot ontdekken, onderzoeken, samenwerken en creëren. In onze groepen zijn verschillende speel- en leerhoeken aanwezig waarin kinderen zelfstandig en samen kunnen spelen en leren.

De inrichting van de groep sluit aan bij de actuele thema's en de interesses van de kinderen. Materialen zijn toegankelijk en stimuleren eigenaarschap, keuzevrijheid en betrokkenheid. Naast de klas maken wij gebruik van bewegingsactiviteiten, het schoolplein en de natuurlijke omgeving om kinderen veelzijdige leerervaringen te bieden.

Een veilig pedagogisch klimaat vormt hierbij de basis. Kinderen mogen fouten maken, vragen stellen, experimenteren en zichzelf zijn. Vanuit vertrouwen en positieve verwachtingen stimuleren wij kinderen om steeds nieuwe stappen te zetten.

Aansluiten bij de belevingswereld van het kind


Wij geloven dat kinderen het meest leren wanneer onderwijs betekenisvol is. Daarom sluiten wij aan bij onderwerpen die leven binnen de groep, de directe leefomgeving en de ervaringen van kinderen. Thema's worden gekozen vanuit de nieuwsgierigheid van kinderen en bieden ruimte voor eigen inbreng, verwondering en onderzoek. Door aan te sluiten bij wat kinderen bezighoudt, vergroten wij hun betrokkenheid en motivatie om te leren.

Binnen onze katholieke identiteit besteden wij daarnaast aandacht aan verbondenheid, zorg voor elkaar, respect en verwondering. Deze waarden komen dagelijks terug in de omgang met elkaar, in vieringen en in de activiteiten die wij aanbieden.

Samen groeien
Wij zien de ontwikkeling van jonge kinderen als een gezamenlijke verantwoordelijkheid van school, ouders en partners rondom het kind. Door samen te werken, kennis te delen en elkaar te versterken creëren wij een rijke start waarin ieder kind zich gezien, gewaardeerd en uitgedaagd voelt.

Zo geven wij jonge kinderen op De Wingerd stevige wortels om te groeien en de vleugels om vol vertrouwen uit te vliegen.

Resultaatafspraken


De Wingerd is op de hoogte van de resultaatafspraken rondom de vroegschool die gelden voor de gemeente Zuidplas en houdt zich daar ook aan. De resultaatafspraken zijn te vinden in ons onderbouwbeleidsplan. Iedere school brengt de kinderen met een VE-indicatie (doelgroepkinderen) in beeld, evenals hoelang zij voorschoolse educatie hebben genoten en met welk VE-programma zij hebben deelgenomen. Dit gebeurt middels de intake met ouders/verzorgers en/of via de overdracht met de betrokken voorschool. De school legt deze informatie vast in het leerlingvolgsysteem. Op deze wijze heeft de leerkracht zicht op de beginsituatie van alle kinderen.

Wijze van ondersteuning aan het jonge kind


De leerkrachten in de kleutergroepen gebruiken het observatiesysteem Bosos om ontwikkelingsachterstanden te signaleren. Eventuele ontwikkelingsvoorsprongen noteren de leerkrachten extra in de observatie bij de leerlijn. Leerlingen met ontwikkelingsachterstanden en ontwikkelingsvoorsprongen worden per thema ingepland in het groepsplan voor extra oefening of juist voor extra uitdaging. De observaties worden door het systeem op vaste momenten in het schooljaar ingepland. Met de IB-er zijn er elk schooljaar: 4 groepsbesprekingen, 3 leerlingbesprekingen en indien nodig ook een bespreking over doublure/kleuterverlening. Tijdens deze besprekingen (indien nodig ook tussen de besprekingen door) wordt er overlegd welke acties ingezet of uitgezet moeten worden voor een leerling. De ouders hebben een kennismakingsgesprek na ongeveer 6 weken. Daarbij wordt het observatiemoment Wennen 1 meegenomen uit Bosos. Daarna volgt er een rapportgesprek bij 4.6 jaar (4 jaar en 6 maanden) en 5 jaar.  Vanaf groep 2 krijgen ouders een SEO-gesprek in november waarbij eventuele opval- of uitval uit de Bosos-observatie (van oktober en de verwachtingslijst van november) wordt besproken. In maart volgt een rapport en gesprek a.d.h.v. de januari/februari observatie en in juni een eindrapport van de kleuterperiode zonder gesprek. Tussen de rapporten door zijn er gedurende het schooljaar ook nog vaste observatiemomenten. Indien nodig nemen de leerkrachten tussentijds ook contact op met ouders als er bijzonderheden uit de tussentijdse observaties komen. Er wordt geïnvesteerd in korte lijnen met ouders m.b.t. de ontwikkeling van hun kind.

De voor– en vroegschoolse educatie

De voor- en vroegschoolse educatie (VVE) is bedoeld om maatregelen te treffen die onderwijsachterstanden trachten te verminderen en de startcondities van kinderen helpen te verbeteren bij aanvang van het onderwijs in groep 3. De VVE richt zich in het bijzonder op het wegwerken van taalachterstand, maar ook beginnende rekenvaardigheid en het ontwikkelen van grove en fijne motoriek krijgen ruime aandacht. Zeer belangrijk in de VVE is de zorg voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van het kind, waardoor zelfstandigheid gestimuleerd wordt, zelfvertrouwen groeit en het kind leert samen spelen en werken.

Binnen de gemeente Zuidplas heeft dit de aandacht. Bij onder andere het consultatiebureau worden kinderen opgemerkt, die hiervoor in aanmerkingen moeten komen. Op de verschillende peuterspeelzalen wordt hier aandacht aan besteed. Kinderen die hiervoor in aanmerking komen mogen meerdere dagen naar een peuterspeelzaal.

Vanuit kinderdagverblijven en peuterspeelzalen is er een warme overdracht.

Wij vinden het belangrijk om goed contact te hebben met de ouders van de kleuters/het jonge kind, om zo samen aan de slag te zijn met de ontwikkeling.

De didactiek van het lesgeven

De leerkrachten van De Wingerd zijn dagelijks intensief bezig met alles wat tot het leren behoort en wat het onderwijs bevordert. Zij breiden hun kennis en vaardigheden uit door het geregeld volgen van na- en bijscholingscursussen, waarin nieuwe inzichten op het gebied van adaptief onderwijs en gedifferentieerd en gepersonaliseerd leren gepresenteerd en onderwezen worden. Centraal staat binnen het veelvuldige overleg in de leerteams, waarin wij in een sfeer van betrokkenheid, professionaliteit en transparantie delen met een collega over elkaars talenten en inzichten. In de dagelijkse onderwijspraktijk geven wij onderwijs op maat. (adaptief onderwijs) Dat betekent dat wij bewust, doelgericht verschillen in instructie, leertijd en leerstof binnen een groep bieden. (differentiatie). De aanpak in de lessen wisselt van individueel of coöperatief tot klassikaal. Behalve afwisseling zorgt deze gevarieerde en uitdagende aanpak ervoor dat samenwerken daadwerkelijk een meerwaarde heeft.

Onze leerkrachten volgen de leerlingen in de groep intensief tijdens de verwerking van de leerstof. Zij handelen direct wanneer kinderen dreigen uit te vallen op bepaalde leerstofonderdelen. Zij stellen leerdoelen – en plannen naar omhoog bij, indien blijkt dat leerlingen bij verwerking van de leerstof op een te laag niveau werken. Door het adequate volgen van de leerlingen wordt tijdwinst geboekt, die direct geïnvesteerd wordt in een (hulp)plan voor de desbetreffende leerling(en). Doordat de leerlingen op eigen niveau oefenen gaan de resultaten daadwerkelijk omhoog, waardoor de leerlingen gemotiveerd blijven.

Expliciete directe instructie (EDI)

Op De Wingerd wordt instructie gegeven volgens het expliciete directe instructiemodel. 

Een EDI-les is als volgt opgebouwd:

· Lesdoel. Dit doel wordt expliciet met de kinderen gedeeld; door voor te lezen of op het bord te schrijven.

· Activeren van voorkennis. De leerlingen krijgen een opdracht die aansluit bij de te geven les, maar waarvan ze de benodigde kennis al in huis hebben.

· Onderwijzen van het concept.

· Onderwijzen van de vaardigheid.

· Belang van de les.

· Begeleide inoefening. De leerlingen nemen het toepassen van de leerstof over. Ondertussen controleert de leerkracht telkens of ze het correct doen en begrijpen.

· Lesafsluiting. De leerlingen maken opdrachten of beantwoorden vragen om te laten zien dat ze het lesdoel beheersen. Daarna mogen ze pas zelfstandig inoefenen.

· Zelfstandige verwerking.

Verlengde instructie. De leerlingen waarbij bij de lesafsluiting blijkt dat ze het lesdoel nog niet voldoende beheersen, krijgen een verlengde instructie van de leerkracht.

Bij  een EDI-les is de controle van begrip heel belangrijk:

De leerkracht monitort telkens of alle leerlingen begrijpen wat is uitgelegd. Niet na de les of tijdens de toets, maar tijdens de les.

Afbeelding met tekst, cirkel, schermopname, LettertypeDoor AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist.

Stapstenen voor het controleren van begrip:

· Eerst instructie geven.

· Dan pas vragen stellen. Specifieke vragen over wat zojuist is onderwezen.

· Denktijd bieden.

· Willekeurig beurten geven. Dat doen we met behulp van beurtstokjes.

· Luisteren.

· Feedback geven. Wij herhalen een goed antwoord, we vullen aan als het gedeeltelijk goed is en leggen klassikaal opnieuw uit als het antwoord niet goed is.

Ook passen we bij de instructie het “modellen” toe. Modellen doe je door:                                                                                                        

· Uitleggen: lesgeven door te vertellen.

· Voordoen: lesgeven door gebruik te maken van voorwerpen.

* Hardop denken: al pratend doen we voor wat onze denkstappen zijn.

Coöperatief leren

Waarom?

Op De Wingerd vinden wij het belangrijk om de leerling voor te bereiden op deelname aan de samenleving. Samenwerken is een belangrijke vaardigheid om deel te nemen aan onze maatschappij. Sociale en communicatieve vaardigheden zijn hierin belangrijk. Binnen coöperatief leren staan deze vaardigheden centraal. De leerlingen leren zo niet alleen van de interactie met de leraar, maar ook van de interactie met elkaar.

Hoe?


Gips
Kern van coöperatief leren zijn 4 basisprincipes welke aangeduid worden met de term GIPS. Deze basisprincipes komen in alle didactische structuren aan de orde:
Gelijkwaardige deelname: voor de leerlingen is duidelijk wanneer en op welke wijze zij een bijdrage moeten leveren;
Individuele aansprakelijkheid: alle kinderen moeten een individuele prestatie leveren:
Positieve wederzijdse afhankelijkheid: kinderen hebben elkaar nodig om tot een goed resultaat te komen.
Simultane actie: alle kinderen zijn zoveel mogelijk gelijktijdig actief.

Wat?


Heterogene groepen


Op De Wingerd zitten de leerlingen in Teams van vier (in overleg met IB kan er voor een andere groepsopstelling gekozen worden). De Teams worden gemaakt door de leerkracht aan de hand van Teamformatie kaarten en wisselen elke periode. Hierbij wordt rekening gehouden met de verschillende niveaus van de leerlingen. Er zijn 4 niveaus. Laag, middenlaag, middenhoog en hoog. Op de voorste plekken zitten de leerlingen met het niveau middenlaag en laag. Naast middenlaag zit de leerling met het hoogste ni-veau en naast de leerling met een laag niveau zit de leerling met middenhoog niveau. Er is duidelijk bij de leerlingen wie hun maatje is tijdens een coöperatieve werkvorm (bijvoorbeeld schoudermaatje).

Klassenorganisatie


Er wordt gewerkt met een stilte signaal die van groep 1 t/m 8 helder is bij de leerlingen (hand omhoog) om te zorgen dat er op een efficiënte wijze met de tijd wordt om gegaan. Om te zorgen dat de kinderen kunnen samenwerken, moet er een goed positief pe-dagogisch klimaat zijn, waarin de kinderen zich veilig voelen. Aan de positieve sfeer wordt gewerkt door middel van 2 domeinen: klasbouwers en teambouwers.

KlasBouwers: KlasBouwers worden gebruikt om elkaar te ontmoeten in de klas. Hierbij wordt geen lesstof inge-zet
TeamBouwers: Tijdens een TeamBouwer wordt aandacht besteed aan elkaar beter leren kennen om zo de sa-menwerking te versterken.

Didactische werkvormen


Tijdens Teamvergaderingen worden door de coaches didactische werkvormen opgefrist en nieuwe werkvormen geïntroduceerd. De periode na deze vergadering gaan de collega’s met de didactische werkvormen aan de slag. Zij integreren deze in hun lessen. De coaches komen in de klassen kijken aan de hand van een MomentCoaching.
Elke groep bezit een pakket met kaarten van de werkvormen en managementmatten die toegepast kunnen worden.

Stagiaires

De Wingerd is een opleidingsschool voor stagiaires van de PABO Thomas More. Wij hebben een goede naam voor wat betreft het aanbieden van stageplaatsen, alsmede de intensieve begeleiding van de stagiaires. Een stagiair is iemand die als onderdeel van zijn pabo-opleiding ervaring komt opdoen op de werkvloer. Geregeld is er ook een leraar in opleiding (LIO) aan onze school verbonden. Een belangrijk verschil tussen en LIO en een stagiair is dat een LIO wel en een stagiair niet zelfstandig voor de groep mag staan. Een LIO heeft van ons schoolbestuur een tijdelijke aanstelling gekregen. 

Wij bieden op onze school ook stageplaatsen aan stagiaires voor niet-lesgevende taken, zoals onderwijsassistenten.

Groepen

De Wingerd kent gemengde kleutergroepen: de jongste en oudste kleuters zitten in dezelfde groep. Deze groepssamenstelling bevordert de sociale en cognitieve ontwikkeling. Vanaf groep 3 werken wij met homogene groepen. In alle groepen geven wij methode-gebonden les met moderne methodes, waarin wij door middel van weekplanningen en effectieve instructie tijd vrij maken voor lessen in kleinere groepen. Effectief betekent doelmatig en een instructie is een aanwijzing van wat gedaan en hoe gehandeld moet of kan worden. Deze differentiatie is in het moderne onderwijs een noodzaak. Kinderen moeten op hun eigen niveau kunnen werken. Eigen niveau betekent dus niet individueel onderwijs. Soms kan het leerlingaantal er toe leiden, dat er combinatiegroepen gevormd worden. Inmiddels hebben wij een grote expertise in het lesgeven aan deze groepen. De groepen op De Wingerd worden geleid door een of twee vaste leerkrachten.

Bewegen en gezondheid

Kinderen brengen 25 uur per week door op de basisschool om te leren en te spelen. Gezonde kinderen zitten beter in hun vel, hierdoor leren ze beter. Daarom is het belangrijk dat de school veel aandacht schenkt aan gezondheidsthema’s als bewegen, voeding en het maken van gezonde keuzes:

- De leerlingen komen zoveel mogelijk lopend of op de fiets naar school

- Tijdens de lessen zijn er regelmatig beweegmomenten                                                                                                                                 

- De leerlingen drinken water                                                                                                                                                                                

- De leerlingen eten een gezonde lunch                                                                                                                                                               

- Jarig zijn is een feestje! We vieren dit feestje in de klas zonder een traktatie                                                                                            

- De school is een rookvrije omgeving                                                                                                                                                            

- Twee keer per week hebben de leerlingen gymnastiekonderwijs, waarvan minimaal éénmaal van een vakleerkracht.                            

- De leerlingen eten een gezond tussendoortje tijdens de kleine pauze: fruit of groente 

- We zijn ook een duurzame school. De accenten liggen bijv. op:

- Afvalscheiding (papier, plastic en restafval)

- Afvalvermindering: het resultaat van : water drinken=> geen verpakking van frisdrankpakjes e.d., niet trakteren bij verjaardagen.

- Promoten van het fietsen (ook gezonde school)

- Meedoen aan projecten die duurzaamheid promoten

Informatie en communicatietechnologie (ICT)

ICT is binnen De Wingerd geen doel op zich, maar een onderdeel van de schoolvisie en het schoolbeleid. ICT kan bij uitvoering van de schoolvisie als middel fungeren om leerdoelen te bereiken.

Wij zetten ICT dan ook optimaal op De Wingerd in, zodat:

· Er beter en gerichter geanticipeerd kan worden op de individuele leerbehoeften van onze leerlingen

· Andere leerstrategieën gebruikt kunnen worden

· Samenwerking met andere kinderen in en buiten de school mogelijk wordt

Onze kinderen werken op een verantwoorde manier op Chromebooks. Wij zorgen ervoor dat onze leerlingen met een Chromebook productief leren omgaan. Uiteraard zorgen wij voor voldoende geschikte applicaties, die het onderwijs kunnen ondersteunen of vergemakkelijken. 

Het leerlingvolgsysteem (LVS)

Het leerlingvolgsysteem is een programma dat onze leerkrachten inzicht geeft in de ontwikkeling van de leerlingen, zowel op individueel als op groepsniveau. In een LVS voert de leerkracht resultaten in van methodetoetsen en methodeonafhankelijke toetsen. Aan de hand hiervan kan de leerkracht meten in hoeverre de leerlingen de leerstof van een bepaald leerjaar beheersen en welke leerling op bepaalde onderdelen extra oefening of uitleg nodig heeft. 

Wanneer toetsen zijn afgenomen en de resultaten zijn verwerkt, worden alle gegevens geanalyseerd. We bekijken dan wat de kinderen nodig hebben om zich optimaal te kunnen ontwikkelen. Ook stellen we vast wat de onderwijsbehoeftes van de kinderen zijn. Naar aanleiding van de resultaten, de analyse, de observaties tijdens de lessen en de methode gebonden toetsen worden door de leerkrachten per leerling nieuwe doelen gesteld. De leerkrachten zetten deze doelen in een groepsplan en beschrijven daarbij hoe het onderwijsaanbod voor de leerlingen eruit zal gaan zien.

Maar het gaat niet alleen om leerresultaten, ook informatie over de sociaal-emotionele ontwikkeling wordt in kaart gebracht. Wij gebruiken hiervoor Kanvas, het leerlingvolgsysteem van de Kanjertraining.

Om de ontwikkeling van de kinderen in de groepen 1-2 zo zorgvuldig mogelijk te volgen, maken wij gebruik van BOSOS: “Beredeneerd aanbod, Observeren, Signaleren, Opbrengst gericht, Specifiek voor jouw praktijk”. De leerkrachten observeren de kinderen bij de verschillende activiteiten en verwerken deze observaties in het digitale leerlingvolgsysteem. Hierdoor signaleren zij hoe de kinderen zich ontwikkelen.